Heb jij een repetitiekot?




We vinden het doodnormaal dat artiesten een repetitiekot hebben, om hun samenspel te oefenen en om te schaven en te schuren aan hun muzikale nummers.

We vinden het doodnormaal dat voetballers een oefenterrein hebben en op oefenstage gaan om hun matchen voor te bereiden.

Hebben wij, mind workers, dan ook geen repetitiekot nodig om de processen in ons brein beter te begrijpen en onze basisvaardigheden zoals stabiliTEA, autenticiTEA, clariTEA en empaTEA te trainen en te verankeren dankzij de neuroplasticiteit van ons brein?

Want: ‘neurons that fire together, wire together’,
zoals aangetoond door menig breinscan.


Mijn repetiekot is een rustig plekje in huis, waar ik me ongestoord kan terugtrekken om te SLOW’en. Daarnaast heb ik ook een subliem repetitiekot in de Stiltehoeve in Moerkerke-Damme. De energie van die dag van samen repeteren in de stilte, werkt nog dagenlang na en geeft me een extra boost om ook thuis te blijven repeteren.
Comments

Herinneringen aan een zolderkamer


Mijn kozijn Johan woonde in een klein, laag huisje met een aanleunende schuur in Vierlinden, een landelijke wijk in Evergem. De hooizolder in de schuur was een van onze favoriete speelplekjes. Ik vond het heerlijk om te kijken hoe op een zonnige zomerse dag het gulle zonlicht binnenviel door de spleten tussen de verweerde dakpannen. Een uitbundige lichtbundel met daarin duizenden dartele, dansende stofdeeltjes.

Dat beeld kwam spontaan bij me op in mijn ochtendmeditatie: in de lichtstraal van mijn bewustzijn zag ik mijn dansende gedachten als stofdeeltjes komen en gaan.

En dan kwam het beeld van mijn vriend Marc Michils, die de afgelopen maanden twee behoorlijk pittige operaties heeft ondergaan.

En dan borrelde dat mooie zinnetje van Leonard Cohen op: 
“there is a crack in everything, that’s how the light gets in.”

Na dit half uurtje ochtendlijke verstilling typten mijn haperende vingers de boven- en onderstaande tekst. 

De stofdeeltjes zijn letters geworden…

Lieve krachtig kwetsbare vriend,

We begonnen destijds ons boek met die regel van good old Leonard.
Een regel die we wellicht pas echt kunnen bevatten als we zelf de “crack” hebben meegemaakt.

In het begin is er alleen de ruwe, brutale pijn, de angst, de onzekerheid van die crack. De crack is een donkere kloof die je soms dreigt te verzwelgen. Pas als na verloop van tijd het licht langzaam begint door te schemeren, komt het besef dat de crack een breuklijn is, met daarachter een nieuw begin.

De crack is een blijvend litteken, fysiek en mentaal, waarvan de pijn (gelukkig) geleidelijk een vage herinnering wordt.

Wat (hopelijk) blijft is het licht.

Als je met de juiste lens naar het licht kijkt, zie je het rijke spectrum aan kleuren. De kleuren van de regenboog. Het licht van het thuiskomen in je eigen leven, je eigen relatie, je eigen gezin, je eigen huis.
De rijke lichtstraal zal ongetwijfeld ook doorschijnen in je nu al waardevolle engagement bij Kom op tegen Kanker.

With love from me to you,


Erik
Comments


Een bevrijdende les in de kunst van het beeldhouwen

Ken jij de als-dan-gedachtengangen? Het zijn kronkelende, eindeloze gangen waar wij mensjes vaak in verloren lopen. Ik toon je enkele van mijn recente en oudere als- dan- gedachtengangen: “Als ik maar wat trager zou spreken, dan zouden mijn lezingen nog beter zijn.” “Als mijn linkerbeen niet zo haperde, dan zou ik me veel zekerder voelen.” “Als ik met pensioen ben, dan zal ik me vrijer voelen.” Zo kan ik nog even doorgaan.

Natuurlijk is er niets fout met het streven naar verandering, persoonlijke groei. De vraag is: is dat een verandering die ikzelf wil, of die ik doe dat om anderen te behagen? 
Anders gezegd: volg ik mijn eigen GPS of die van een ander?  En vooral: is het echt zo dat ik enkel gelukkig zal zijn ALS die voorwaarden vervuld zijn?

Onze dag in de Nobele Stilte begon met een uitnodiging van Björn om onze gedachtengangen even te bekijken in een proces met drie kwaliteiten. Starten met het focussen van de aandacht om de nodige mentale stabiliteit uit te bouwen. Blijven kijken met een open geest, geen deuren dichtgooien of ramen sluiten. Wel de nodige afstand behouden om niet meegesleurd te worden in de gedachtengangen. En als dat gebeurt, om telkens terug te keren naar de stabiele vertrekbasis. En tenslotte om daarbij een vriendelijk, vrolijk hart te behouden.

Dit proces stelt je in staat om te beginnen schrappen: welke verhalen leiden tot niets, zijn gewoon ballast? Om zo tot je zuivere, pure kern te komen. Björn gebruikte het voorbeeld van Michelangelo, die zei dat het krachtige, elegante beeld van de David al vervat zat in het blok marmer. Hij moest enkel de overbodige stukken weghakken.


Het begint al door er die dag zelf bij te zijn. Want daarvoor hebben 14 doorgaans drukbezette dames en heren af flink wat moeten schrappen en schuiven in hun agenda om zich gewoon die dag vrij te maken. Om dan even de klassieke seconden-klok te vergeten en te luisteren naar de nu-klok. Elke ademhaling een nieuwe, verse kans. Elk stapje een uitnodiging om thuis te komen.

In de nabespreking bleek dat elk van ons flink had zitten kappen en houwen in onze verhalen. Zo hadden we het overbodige evenals het essentiële minstens gezien en konden we er verder mee aan de slag.


Bij mij kwam op een bepaald moment het indringend inzicht dat niet alleen bepaalde verhalen geschrapt konden worden, maar dat op een bepaald moment ook de verhalenverteller zelf geschrapt zou worden. Dat bracht mij bij vier vragen waarop ik wellicht nooit het antwoord zal weten: hoe, waar, wanneer en met wie zal de verteller geschrapt worden? Ik weet het niet en dat niet weten was niet beklemmend, maar gaf me ruimte.
Comments (1)

welke weg zullen we kiezen?


Ik ben er vast van overtuigd dat iedere mens nood heeft aan erkenning door anderen, omdat door die erkenning zijn eigen identiteit tastbaar wordt.  De obsessie van Poetin met wat hij Roesski Mir noemt, de erkenning van de Russische ziel door de rest van de wereld, is daar een voorbeeld van.

Er zijn echter twee wegen naar die erkenning.

Poetin (en Trump en Kim Jong-un en Erdogan en Assad en ga zo maar door) gebruiken de weg van de macht. Hoewel enkele eeuwen geschiedenis ons  geleerd hebben dat die weg leidt naar veel pijn, verdriet en vaak ook vernieling van de machthebber zelf,  omdat hij sterke tegenkrachten (verzet) in gang zet.

Terwijl de andere weg, de weg van de liefde zoveel vreedzamer, minder pijnlijk en minder bloederig is. De testosteron hormonen van voornoemde heren manifesteren zich in tanks, raketten en menig ander vernietigingstuig. Daartegenover lijkt het oxytocine hormoon (knuffel hormoon) het wapen van de naïevelingen.


Het geo-politieke machtsspel dat die heren drijft ontgaat mij helemaal. Daar is mijn verstand te beperkt voor. Is er iemand op de wereld die deze bange jongentjes eens goed kan knuffelen, liefst met warme, oprechte liefde, geen vleselijke bunga-bunga en ze zo kan bevrijden van hun demonen?
Comments

De valkuilen van mindfulness 


Eigenlijk zit één van de eerste valkuilen wellicht in de naam zelf. Die laat uitschijnen dat het een verstandelijke oefening is (de mind), terwijl het eigenlijk meer een zaak is van het hart dan van het verstand. Openhearted  awareness zou dus eigenlijk beter zijn dan mindful awareness.

Een andere valkuil is dat sommigen denken dat met mindfulness alles leuker wordt.
Terwijl het vooral een oefening is om contact te maken met wat er is, zonder iets te willen veranderen aan de ervaring zelf. Kijken en gewaarzijn zonder sturen of oordelen. “Dat is er, en dat ook..” is de mantra van mindfulness. Tara Brach noemt het “attending and befriending.  Inzien dat gedachten wel echt (real) zijn, maar daarom niet noodzakelijk waar (true).

In onze westerse wereld van comfort ligt de nadruk op het wegduwen van ongemak.
De ouders die hun kinderen overdadig afschermen van pijn, verveling en ongemak noemt men de “curling ouders”, omdat ze net zoals bij het curlingspel verwoed wrijven om het pad te effenen zodat de kinderen moeiteloos door het leven kunnen glijden. Zo ontnemen ze hun kinderen de kans om te groeien en te leren. Dirk De Wachter zegt dat net de “verleuking” van de samenleving ertoe leidt dat we niet alleen minder bereid zijn, maar ook minder gewapend zijn om veerkrachtig om te gaan met de ongemakken van het leven.

Terwijl we deze bijzondere vorm van aandacht trainen groeit er op de achtergrond iets mee, namelijk onze compassie, het trillen van het hart. Terwijl NEE en het wegduwen onze spontane respons is bij het ervaren van pijn en ongemak, zorgt compassie voor een tegenovergestelde reactie: het verwelkomen, het open ontvangen, de smaak van de ervaring proeven. Wat gezien wordt, wordt gekend en dat is de poort naar wijsheid. We zetten deuren en ramen open: wat voorbijkomt komt voorbij. We hoeven de bezoekers enkel op te merken, niet te entertainen.

Compassie gaat het leed niet uit de weg.

Met dank aan Frits Van den Heuvel en Itam voor de inspiratie.



Comments




Het nut van verveling

Het is niet ongebruikelijk dat ik tijdens mijn formele meditatiebeoefening af en toe verveling ervaar, niet alleen als ik een volledige dag in stilte mediteer, maar soms ook tijdens de kortere oefenmomenten. Verveling kan zich natuurlijk evengoed manifesteren doorheen de dag: in de wachtrij aan de kassa, de wachtzaal bij de dokter, het wachten op de trein, tram of bus…

Eerder dan boos te zijn op de verveling, treed ik ze tegemoet en kijk ik of ik kan voelen of zien wat er onder die verveling schuilt. Twee bedenkingen borrelden spontaan op: verveling is verzet tegen wat er nu is en verlangen naar wat er nog niet is.

Waarom verzet tegen wat er nu is?
Omdat ik nu niets te DOEN heb, dus verzet tegen het niet-doen. Een soort horror vacui. Wat is er hier en nu dan wel? Alle aspecten van mijn mens-zijn zijn er: mijn hartslag, ademhaling, lichaamstemperatuur, spijsvertering, mijn bewustzijn… Dus is verveling dan onvrede met of verzet tegen mijn mens-zijn? Nee toch?

De kraamkliniek
Ik ervaar dat, als ik die onvrede toelaat, er ruimte ontstaat waardoor dat wat dieper in mij sluimert zich kan tonen. Wat dieper in mij schuilt is een verlangen om nuttig te zijn, zinvol te zijn. Net door dat verlangen toe te laten, niet op zoek te gaan naar verstrooiing gebeurt het wonder en krijg ik inspirerende inzichten (zoals dit tekstje).

Dus: leve de verveling, het is de vruchtbare baarmoeder voor nieuwe inzichten
Comments

Mijn spirituele zitbal


Ik begon aan onze stiltedag met heel veel goesting: een nieuw jaar, een nieuw begin en ook een aantal moedige nieuwkomers erbij. Het speelse kind in mij zat te popelen van ongeduld om er aan te beginnen. De eerste fazes van het SLOW-proces, op zoek naar mentale stabiliteit door te Stoppen en te Landen in mijn lichaam (door Björn mindfulness 1.0 genoemd) liepen van een leien dakje. Na vijf jaar regelmatig oefenen in de Stiltehoeve veroorzaakt deze zalige plek op zich al een soort Pavlov effect. De dartele puppy in mijn geest gaat braafjes in zijn hoekje zitten en als hij weer kwispelend begint rond te rennen, kan ik hem met milde hand weer naar zijn plekje begeleiden.

Mindfulness is een “escort service”, zoals Marc Wiliams zegt.

Eens mijn geest voldoende geland is, zet ik de volgende stap naar de O van SLOW-proces: het Openhartig, Onbevooroordeeld Observeren van de Onbestendigheid van mijn geest (door Björn mindfulness 2.0 genoemd). Wat domineerde was het woord “vertrouwen”. Ik had vertrouwen in het proces. Maar wat is dat “vertrouwen”? Is vertrouwen een WETEN van het verstand of een VOELEN van geest en lichaam?

Wat voedt mijn vertrouwen?
Ik zie interne bronnen: zelfvertrouwen gebaseerd op zelfbewustzijn. De inzichtsmeditatie helpt zeker om dit vertrouwen te ontwikkelen. Vertrouwen wordt dus gevoed door ervaring. Ik zie ook externe bronnen: het vertrouwen dat ik stel in de andere en dat de andere in mij stelt.

Naarmate de dag verstreek kwam ook de onderliggende oorzaak van mijn zoektocht naar vertrouwen boven water. Door een hersentrombose, vele jaren leden, heb ik leren leven met een drietal beperkingen (valt nog mee, niet?). De eerste beperking is mijn klapvoet die er voor zorgt dat ik minder vlot kan stappen. Door een acute ischias is de afgelopen maand die beperking nog erger geworden. Zo zorgde mijn klapvoet twee weken geleden ervoor dat ik in Rotterdam struikelde bij het betreden van de zaal waar ik 80 accountants zou toespreken. Ik kuste voluit de grond, maar dan wel minder elegant dan paus Johannes-Paulus dat gewoonlijk placht te doen.

Mijn bloedverdunningsmedicatie maakte er een extra bloederig tafereel van, waardoor mijn opdrachtgever in paniek een ziekenwagen belde. Geen voordracht dus, wel allerlei onderzoekingen op de spoedafdeling van het Ikazia ziekenhuis om het risico op een hersenbloeding uit te sluiten. En de toelating om pas huiswaarts te rijden met een chauffeur en op voorwaarde dat mijn vrouw mij elke twee uur zou wakker maken die nacht. Dat heeft ze gedaan, gelukkig gebruikte ze daarvoor haar iphone en niet een paar cymbalen.

Stappen met verdriet
De stapmeditatie is onvermijdelijk een confrontatie met mijn klapvoet en de ischias. Aanvankelijk zat ik in een stoel aan de kant stilletjes te wenen, deels wegens de sluimerende pijn en deels uit zelfmedelijden. Ik liet het verdriet toe en fluisterde: “ik zie verdriet” wat toch anders aanvoelt dan “ik ben verdrietig “– mindfulness 2.0, weet je wel.  Ik begreep dat verdriet. Na een tijdje heb ik het verdriet uitgenodigd om samen met mij te stappen. Na enkele passen ging ik helemaal op in die nieuwe ervaring om voor het eerst een stapmeditatie te doen met een wandelstok. Het opheffen en neerzetten van de stok zorgde voor een extra dimensie. Het speelse kind genoot met volle teugen.

Vertrouwen in de verteller?
Mijn tweede beperking ervaar ik nu terwijl ik deze tekst typ met één hand, want typen met mijn linkerhand lukt niet meer. Mijn derde beperking is er omdat de trombose blijkbaar ook mijn spraakcentrum geraakt heeft, waardoor ik soms de controle verlies over mijn spreeksnelheid. Dat maakt dat ik me onzeker voel, vooral nu ik volop werk aan een nieuwe voordracht. In de stilte werd ik me bewust dat ik wel vertrouwen heb in het verhaal (de inhoud is sterk onderbouwd) en in de voorstelling (de evenwichtige manier waarop het gebracht wordt met beeld en muziek). Blijft nu nog het vertrouwen in de verteller (mezelf).


In de stilte heb ik dat vertrouwen ervaren als een grote, beweeglijke rode zitbal die me draagt en die ik vul met mijn adem. Net zoals mijn vertrouwen deint de bal op en neer. Ik heb er nu nog meer vertrouwen in dat ik het zal opmerken als ik tijdens het vertellen te snel begin te praten (mindfulness 2.0) en dat ik dan veilig zal kunnen landen op mijn spirituele zitbal.
Comments (1)

Mannetje op de maan


Comments

We have all the time in the world.



Tijdens de autorit naar de Stiltehoeve Metanoia, werd ik overvallen door de vraag “wat is tijd?” omdat ik wist dat ik die dag weer wat tijd zou doorbrengen in de Edele Stilte.

Zowel tijdens de zit- als de stapmeditatie popte die vraag geregeld weer bij mij op. Ze werd meteen gevolgd door een aantal losse gedachten, die ik die met een glimlach benoemde als “clustergedachten.”

Tijd is meetbaar
Voor de denkende geest is het antwoord op de vraag vrij simpel, de tijd laat zich immers meten in seconden, minuten, uren, dagen, weken, jaren. En, zoals ik aan mijn studenten jarenlang vol overtuiging heb verkondigd: meten is weten, gokken is dokken en gissen is missen. Mijn denkende geest wist me dus perfect te melden dat ik die dag welgeteld zeven en een half uur in stilte zou mediteren, wat neerkomt op 450 minuten of 27.00 seconden. Vanuit het klassieke timemanagement perspectief is zeven en een half uur niets zitten doen niet meteen een optimale tijdsbesteding. Maar, is dat niet een zeer eendimensionale visie op tijd?

Tijd is ook een proces
 Niet in de betekenis van een juridisch proces (hoewel onze denkende geest geen kans onbenut laat om de tijd te benutten om te oordelen, over onszelf en de anderen.) Het is een proces in de betekenis van een bijvoorbeeld een gistingsproces dat druiven omzet tot wijn of een oxidatieproces dat ijzer omzet in roest. Een proces dat wonden kan helen of doen etteren. Dat emoties kan verzachten of versterken, gedachten kan opfokken of dimmen.

Tijd is eveneens ruimte.
Een ruimte waarvan onze denkende geest meent dat die moet gevuld worden, net zoals kranten hun pagina’s moeten vullen en radio- en televisiestations hun zendtijd. Zo vullen we Facebook, Twitter of Pinterest. De afgelopen jaren is de digitale ruimte die moet gevuld worden wel flink geëxplodeerd. We komen tijd te kort. Raar toch dat we denken dat VRIJE tijd ook altijd GEVULD moet worden.

Tijd is vooral aandacht
De aandacht die ik geef aan de ruimte waarin het proces van mijn leven zich afspeelt. Vanuit dit perspectief is het klinkklare onzin om te spreken over de tijd die al achter mij ligt of de tijd die nog voor me ligt. De tijd is alTIJD hier, ik ben alTIJD in de TIJD, dus ik ben de tijd…


Bij die gedachte hield ik tijdens de stapmeditatie glimlachend halt midden in de Bosmans zaal. In mijn hoofd hoorde ik Louis Armstrong zingen “We have all the time in the world.” In mijn ooghoeken zag ik hoe mijn Metanoia fellows traag, bewust, gedisciplineerd en plechtstatig voortschreden. Zouden zij Louis ook kunnen horen?
Comments

Twee simpele woordjes maken een wereld van verschil




Zoals je hierboven kan zien kleurde de einder dreigend rood bij het begin van onze dag in de Edele Stilte in de Stiltehoeve Metaonia.

De voorbode van een verhelderende ervaring?  

Om te starten nodigde Björn ons uit om een dubbele vraag te beantwoorden: Wat heb ik achtergelaten om naar hier te komen en wat hoop ik hier te vinden?

De teneur was dat we meestal een pak werk hadden achtergelaten op kantoor. Zoals iemand zei: “Ik had tientallen redenen om niet te komen en toch ben ik hier omdat ik besef dat ik het nodig heb.” Verder hoopte men vooral rust en helderheid te vinden. Zelf was ik bij het begin van de dag benieuwd tot welke dans mijn denkende geest mij zou uitnodigen: een rustige slow of een opzwepende samba?

Waarop Björn als naar gewoonte antwoorde: “Weet dat wat je hier zal vinden, misschien niet datgene is wat je gehoopt had te vinden.’

Stabiliteit en afstand
In zijn inleiding nodige hij ons uit om de training te beginnen met het aanscherpen van onze focus en stabiliteit. Het gewaarzijn van het zittend lichaam gecombineerd met het rijzen en dalen van de adem dienen daarbij als anker. Pas als de onrustige geest voldoende gestabiliseerd was, konden we onze blik verruimen om te zien en te benoemen wat zich op dat moment manifesteerde: vermoeidheid, onrust, twijfel, plannen, verdriet…

De gouden tip was om dat benoemen telkens te beginnnen met de woorden: er is… 
In de zin van: er is twijfel, er is onrust… en niet ik twijfel of ik ben onrustig.

Twee knopjes
Die twee simpele woordjes maken werkelijk een wereld van verschil, want ze zorgen voor afstand, voor ruimte. Ik wordt niet meegesleurd door die gedachten of emoties, maar ik neem ze waar. En als het te heftig is kan ik altijd terugkeren naar mijn anker van focus en stabiliteit. Iemand zei na afloop: “Dankzij die twee knopjes van focus en afstand, zag ik op een bepaald moment mijn gedachten als een kunstwerk dat ik projecteerde op een muur. Ik plaatste er een kader rond en begon dan te spelen met de belichting. Zo kon ik het felle spotlicht langzaam dimmen tot de gedachte helemaal verdween.”

Als je de tijd neemt om te stoppen en te landen word jij je vooral bewust van de veranderlijkheid, de onvoorspelbarheid en de onbeheersbaarheid van de realitet, zowel binnen als buiten jezelf. Zo werd ik me plots bewust dat, hoewel we allemaal schijnbaar stil zaten, op dit eigenste moment de aarde onder ons aan ruim duizend zeshonderd kilometer per uur rond haar as draait en aan honderdduizend kilometer per uur rond de zon.  

Clustergedachten
Verder ervoer ik die dag een kettingreactie van filosofische reflecties, waarbij één gedachte explodeerde in verschillende bijgedachten. Ik benoemde dit op een bepaald moment als: er is clusterdenken. Dat woordje, dat zo maar uit het niets opborrelde deed me glimlachen. Zo zag ik de hele dag hoe tientallen clustergedachten zich ontpopten, niet met een luide knal zoals een dodelijke clusterbom, maar in slow motion en geruisloos als het teder ontluiken van een bloem.  Telkens keek ik naar die bloemetjes met een dankbare glimlach.

’s Middags na de maaltijd heb ik, tegen mijn gewoonte in, een aantal van die woordjes toch genoteerd, om de angst weg te nemen dat ik ze misschien zou vergeten. Die woordjes zijn de zaadjes voor mijn volgende blog over de tijd….
Comments